‘We make it, before we make it’

‘We make it, before we make it’

Nederlands grootste bouwer, Koninklijke BAM Groep, bestaat anderhalve eeuw. In die tijd heeft het Europese bouwconcern veel tot de verbeelding sprekende projecten gerealiseerd, maar CEO ir. Rob van Wingerden kijkt liever vooruit. Schaalgrootte, digitalisering, kennisdeling, duurzaamheid en vooral een betere risico-en-beloningsbalans hebben de focus.

“De afgelopen 150 jaar heeft BAM ontelbare bouwprojecten gerealiseerd; denk aan woningen, kantoren, musea en ziekenhuizen. Maar ook infrastructuur, zoals de Oosterscheldekering en vele metrotunnels. En niet te vergeten allerlei stadions, zowel in binnen- als buitenland. Ik vind het fascinerend hoeveel maatschappelijke impact onze projecten hebben. We bestrijken alle fases van het bouwproces. De breedte van onze dienstverlening en onze enorme kennis en ervaring zijn zeker naar de toekomst toe relevant. Je kunt de huidige vraagstukken, zoals ten aanzien van duurzaamheid, alleen oplossen door een integrale aanpak en met een visie op de langere termijn.”

Risico-allocatie

Het internationaal opererende BAM-concern realiseerde in 2018 een omzet van 7,2 miljard euro en had ruim 20.000 werknemers, van wie zo’n 8.000 in Nederland in dienst. In anderhalve eeuw heeft het bedrijf vele toppen en dalen gekend. Zo heeft de laatste economische crisis voor onbalans gezorgd ten aanzien van de risico’s bij de uitvoering van grote overheidsopdrachten. Van Wingerden, sinds 1988 bij het bedrijf en vanaf 2014 CEO: “Wie honger heeft, eet minder kieskeurig. De risico-allocatie is in de crisisjaren te veel bij de bouwers komen liggen, met alle gevolgen en resultaten van dien. Terwijl de uitvoering van de toekomstige infrastructurele agenda een gezonde en aantrekkelijke sector nodig heeft. Waarbij innovatie loont. We moeten naar een markt toe waarbij de risico’s liggen bij die partij die ze kan beïnvloeden. Dat besef deelt ook de overheid als bepalende klant in deze imperfecte markt.”

Win-win

Dat de relatie opdrachtgever-bouwer ook anders kan, bewijst Schiphol, aldus Van Wingerden. Voor grootschalige uitbreiding en onderhoud van gebouwen, voorzieningen en installaties is de luchthaven langjarige contracten aangegaan met diverse bedrijven, waaronder BAM. Hierin wordt elkaars kennis optimaal gebruikt. “Het is een samenwerkingsvorm waarin we niet meer denken in opdrachtgever-opdrachtnemer, maar in partners.

We creëren een win-winsituatie door elkaar te helpen om het doel te bereiken en samen te verbeteren en te innoveren.”

Er zit nog volop groei in BAM

Behalve aandacht voor risicobeheersing, zet BAM vol in op digitalisering. Van Wingerden: “Onder het motto ‘We make it (digital), before we make it (physical)’ geven we de digitale transformatie vorm. Digitalisering maakt het mogelijk om sneller, veiliger, economischer én met minder afval te werken.” Digitalisering vergt volgens Van Wingerden veel techniek, maar bovendien bij de betrokkenen een andere mindset. “Er is een ingrijpende cultuurverandering nodig om de technologische mogelijkheden tot hun recht te laten komen. Het beeld van een bouwer als stenenstapelaar past ons al lang niet meer.”

Groen verdienmodel

Andere drivers voor een betere toekomst, ook als werkgever, ziet de BAM-voorman in duurzaamheid alsmede het consolideren van versnipperde kennis- en schaalvoordelen: “De bouwsector is erg versnipperd. Iedereen doet zijn eigen ding optimaal, maar het totaal is suboptimaal. Als wij bij BAM onze schaal en kennis beter benutten, dan outperformen we alles en iedereen. Dat is dé basis om onze resultaten op een hoger niveau te krijgen en voorspelbaarder te maken. Zeker in combinatie met digitalisering en duurzaamheid. Dat zien we, in plaats van een kostenpost, juist als een verdienmodel. Want in essentie bespaar je met afval- en CO2-reductie op je kosten, bedenk je slimmere productiemethoden en ga je innoveren. Onze opdrachtgevers vragen bovendien steeds meer om duurzame oplossingen. We beschouwen het als de missie van BAM om een duurzame leefomgeving te creëren, waarmee we mensen een beter leven kunnen bieden. Dat spreekt ook uit het gebaar dat wij naar de samenleving maken ter gelegenheid van ons 150-jarig bestaan. Dit jaar planten we 150.000 bomen. Er zit nog volop groei in BAM.”